LeerKracht Renée van Eijk, deel 1 Ambitie

Veel mensen in onderwijsland kennen Renée als voorzitter van Leraren met Lef. Ik zag Renée voor het eerst op de DVD bij de Nederlandse vertaling van het boek van Doug Lemov: Teach Like a Champion. Voor de zomervakantie vroeg ik Renée of ik haar mocht interviewen voor EduEnVogue en dat mocht. Donderdag 8 oktober zagen we haar op de school waar ze momenteel werkzaam is, OBS de Pijler in Rotterdam.

Dit is deel 1 van het interview met Renée. Morgen kun je het andere gedeelte van het interview lezen dat gaat over ‘Stijl’.

 

Ambitie _MG_7152

Je staat voor de klas, bent voorzitter van Leraren met Lef, denkt mee over het onderwijs van de toekomst in het Platform Onderwijs2032 en helpt met organiseren van verschillende onderwijsbijeenkomsten. Vergeet ik nog iets?

Renée: “Nee, op zich is dit nu het meest voorname. Platform Onderwijs2032 is binnenkort voorbij en dat creëert weer wat rust. We mogen voor Leraren met Lef ook veel meedenken met de gemeente Rotterdam. De gemeente luistert echt naar Leraren met Lef en betrekt ons bij veel dingen. Afgelopen maandag was de verkiezing ‘Leraar van het Jaar’ van de gemeente Rotterdam en die mocht ik presenteren. Ik vind dat het S(B)O hier een aparte categorie in mag zijn omdat leerkrachten in deze sector een apart slag leraren is waar apart erkenning voor mag zijn. Dat is nu niet zo. Ik hoop dat ze dat opnemen. De gemeente Rotterdam wil graag de titel ‘Onderwijsstad van het Jaar’ binnenhalen en hierin willen ze graag dat we meedenken. Dus hiervoor gaan we binnenkort om de tafel en dat vind ik echt heel leuk.”

 

Waar komt de drive vandaan om al deze dingen met enthousiasme en energie te doen?

Renée: “Toen ik kleuter was wilde ik al juf worden. Tussendoor wilde ik ook nog wel stewardess, journalist en fotomodel worden. In het beroep van leerkracht komen al deze dingen een beetje samen op de een of andere manier en dat vind ik erg leuk. Ik werk in Rotterdam en in zekere zin zie je binnen Rotterdam veel van de wereld en alle verschillende culturen. Als leerkracht ben je ook bezig met verslaglegging net zoals een journalist. Op dit moment mag ik door de werkzaamheden die ik doe, naast mijn werk als leerkracht, genoeg mijn gezicht laten zien en presenteren. Dat stuk komt ook weer terug in het vak van fotomodel, dus kortom: ik kan al de wensen die ik als kind al had kwijt in wat ik nu doe.

Na de basisschool ben ik naar het atheneum gegaan in Oud-Beijerland en toen wilde ik nog steeds juf worden. Mijn mentor zei dat ik maar eerst moest gaan rondkijken op universiteiten omdat ik het vwo had gedaan. Als ik daarna niets leukers had gezien, dan kon ik altijd nog naar de Pabo. Ik dacht: die man is gek! Geen van mijn vriendinnen wist wat ze wilde worden. Ik wist het wel en hij zegt: ‘ga maar verder zoeken?!?’ Dat heb ik natuurlijk genegeerd. Ik ben naar de Pabo gegaan, maar als ik toen naar de Academische Pabo had kunnen gaan, dan had ik dat wel gewild. _MG_7200Na de Pabo ben ik eerst een jaar gaan invallen en daarna kreeg ik een vaste baan. Eigenlijk zijn al die dingen die erbij zijn gekomen een beetje op mijn pad gekomen. Toen ik (officieus) vervangend leidinggevende was op mijn vorige school, heb ik Ria Sluiter leren kennen. Zij was toen secretaris van Leraren met Lef. Zij heeft me gevraagd of ik hieraan mee wilde doen. Ik ben toen een keer naar een bijeenkomst geweest van Leraren met Lef. Vervolgens werd me gevraagd of ik bestuurslid wilde worden en toen was ik ‘opeens’ voorzitter. Vervolgens heeft Ria mij genomineerd voor ‘Leraar van het Jaar’ en daarna ging alles een beetje in sneltreinvaart. Via Leraren met Lef kwam ik in Platform Onderijs2032. Het is dus wel allemaal op mijn pad gekomen, maar het heeft ook te maken met op het juiste moment het juiste van jezelf laten zien. Het is allemaal gewoon ontzettend leuk. Soms zeg ik wel tegen teveel dingen ‘ja’. Dus ik probeer kritisch te zijn over waar ik ‘ja’ tegen zeg. Ik wist ook niet dat er zoveel externe netwerken en organisaties waren omtrent onderwijs voordat ik bij Leraren met Lef ging. Al deze dingen doen, naast het werk in de klas, helpt voor mij wel om mijn werk leuker te vinden en gelijkgestemden te ontmoeten.”

 

Je zit in het Platform Onderwijs2032. Je krijgt hierin veel input over wat Nederland aangeeft over wat kinderen zouden moeten leren. Wat valt je hierin op?

Renée: “ Het was opvallend dat er heel makkelijk ‘programmeren’ geroepen werd. Wij vroegen ons vervolgens heel sterk af wat men dan bedoelt met ‘programmeren’. Is dat echt weten hoe je een programma maakt? Is dat begrijpen hoe je omgaat met een computer of met een programma? Verder werd heel erg duidelijk dat er een schreeuw was om balans tussen cognitie en persoonlijke ontwikkeling, ook waren er veel goede doelen en welzijnsorganisaties die het erg vanuit hun eigen doelen bekeken. Als je dan vroeg waarom zij vinden dat zij in het curriculum moeten, dan krijg je meer algemene antwoorden. Bijvoorbeeld dat het belangrijk is dat mensen nadenken over de omgang met hun medemens, duurzaamheid, het milieu of het stimuleren van gezond, financieel gedrag en dan kan je het wel een plaats geven. Wat ik jammer vind, is dat Engels heel erg uit het voorstel werd gelicht door de media, terwijl er veel meer in het voorstel staat. Zoals bijvoorbeeld het vormgeven van goed burgerschap. Dat vind ik bijvoorbeeld heel interessant. Hoe gaan we goed burgerschap vormgeven? Want dat is echt een pittige klus. Dat hier dan niet over gesproken is, verbaasde me heel erg. Zo ook met betrekking tot persoonlijke ontwikkeling. Hoe gaan we dat vorm geven in de klas? Ook hier is niet veel over gezegd in de media.”

 

_MG_7167Hoe lang werk je in het onderwijs en welke uitdagingen zijn er voor jou nog in de groep als leerkracht?

Renée: “ Ik zit al 10 jaar in het onderwijs. Ik kom van een kleine school en sinds dit schooljaar ben ik leerkracht op De Pijler. Voor mij zit momenteel de uitdaging in het samenwerken met collega’s. Hoe doe ik soms een stapje terug? Dat doe ik nu bewust door in bepaalde meetings achterover te leunen en eerst maar eens te luisteren naar wat er op De Pijler gebeurt.

Ik wil graag heel snel. Ik kan ook heel snel, maar dat is niet altijd eerlijk tegenover anderen. Als ik ideeën heb, wil ik die graag kunnen delen. Wat ik lastig vind, is ervoor te zorgen dat anderen erin geïnteresseerd raken en er open voor staan. Dus hoe zorg ik ervoor dat ik in mijn enthousiasme niet té enthousiast overkom? Hoe zorg ik ervoor dat ik anderen tijd geef en ik zelf de tijd neem om naar anderen te kijken? Als ik ergens wegga, vind ik het niet erg als ze zeggen dat ik veel ideeën en een grote mond had, als ze daarnaast ook zeggen dat ik een fijne collega was die veel heeft bereikt met de groep, dat ik een collega was waar je van kon leren, en die andersom er ook voor openstond om van anderen te leren. Dat zou ik graag willen als ik ergens vertrek. Maar dat is hier voorlopig niet de bedoeling natuurlijk!

Sommige uitdagingen zijn meer op praktisch niveau. Ik heb negen jaar geen beeldende vorming gegeven. Op onze vorige school werkten we samen met een kunstenaarsorganisatie. De lessen die de leerlingen daar kregen waren echt spectaculair. Het zelf geven van deze lessen is echt een ramp voor mij. Ik ben er echt niet goed in, maar vind het wel heel belangrijk dat het gegeven wordt. Ik kan genoeg leuke ideeën vinden, maar de didactiek van beeldende kunst vind ik erg pittig. Dat is dus een punt voor in mijn persoonlijk ontwikkelingsplan. Hiervoor vraag ik dan weer hulp van leerkrachten die hier goed in zijn.”

 

Veel leerkrachten geven aan dat het werk nooit af is op school en vinden het lastig om een gezonde balans te vinden tussen werk en privé. Heb jij misschien een tip? 

Renée: “Zelf ben ik zoekende naar de balans tussen werk en privé door alle onderwijs gerelateerde dingen die ik doe naast mijn werk op school. Alle dingen die ik doe, zijn heel erg leuk en ik ben goed in vooraf ‘ja’ zeggen. Dan komt de betreffende week en denk ik: ‘oh allemaal leuke dingen!’ Vervolgens denk ik: ‘ik heb nog één avond niets te doen deze week.’ Vaak ren ik van hot naar her en dat is niet goed. Daar moet ik heel erg de balans in zoeken en soms wat zakelijker in worden. Mijn ambitie is om over een jaar of twee een dag minder te gaan werken om die dag te gebruiken voor Leraren met Lef, het geven van presentaties en andere dingen die er op mijn pad komen. Dat zou ik heel erg leuk vinden om te doen. Tot nu toe doe ik bijna al die dingen vrijwillig, naast mijn werkzaamheden op school. Dat vond ik ook heel erg leuk. Ik heb er veel leuke contacten mee opgedaan, veel van geleerd en dat was dan ook de opbrengst. Nu ben ik op een punt dat ik denk dat er ook wel wat tegenover mag staan. Ik heb hierom nu één keer iets niet gedaan. Dat was best wel eng want het onderwijs is helemaal niet zakelijk en ik ben ook niet gewend om dat te doen, maar als ik straks een dag in de week vrij wil maken voor dit soort activiteiten is het wel nodig. Mijn zus zit in het zakenleven en die geeft me hier af en toe wat tips voor. _MG_7199Als tip voor andere leerkrachten zou ik zeggen: prioriteiten stellen. Sommige dingen doe ik niet als ik denk dat het niet zinvol is voor de betreffende groep op dat moment. Blijf kritisch kijken naar de dingen die je doet. Stel jezelf de vraag: ‘wat ben ik nou eigenlijk aan het doen, doe ik de goede dingen?’ Soms merk je dat bepaalde dingen een gewoonte zijn geworden en dat jaren geleden een afspraak is gemaakt die nu niet meer zinvol of effectief is.

Ik denk dat in het onderwijs ook veel meer gekeken zou moeten worden naar de manier waarop personeelsbeleid vormgegeven wordt. Je kan niet van iedereen, alles verwachten. Je moet mensen ook aanspreken op waar ze goed in zijn. Waarom moet iedereen zijn eigen groepsplan schrijven bijvoorbeeld? Waarom zou je niet kunnen organiseren dat iemand die goed is in het schrijven van groepsplannen gaat zitten met iemand die er niet goed in is? Ze gaan samen zitten en de leerkracht die er minder goed in is, vertelt aan de ander hoe hij het wil gaan doen en de ander schrijft dat uit. Een ander is weer goed in het geven van lessen beeldend en die maakt bijvoorbeeld de lessen beeldend voor de groep van de andere leerkracht. Het een is niet beter dan het ander. Er moet gewoon veel meer gekeken worden naar personeelsbeleid in het onderwijs en niet alleen op het niveau van onder-, midden-, of bovenbouw. Je kunt wel zeggen dat iedereen alles moet kunnen, maar is dat nou ook echt zo? Hier op school bijvoorbeeld, hebben ze naar rekenen gekeken in de groepen 8. Wie behaalt het meeste leerrendement met welk soort leerlingen? Toen werd duidelijk dat één leerkracht veel rendement haalt met wat zwakkere leerlingen, de andere leerkracht weer met de sterkere leerlingen en weer een andere leerkracht juist met de middenmoot. Vervolgens hebben ze groepen gemaakt op niveau, en de leerlingen krijgen rekenles van de leerkracht die het meeste rendement met ze behaald.

Voor iedereen, maar zeker voor starters is het lastig om ‘nee’ te zeggen. Ik heb het idee dat veel mensen in het onderwijs het gevoel hebben dat er heel veel moet. Dit hoor ik in al die externe netwerken ook. Ik denk dat er minder moet dan wij soms denken als we het hebben over inspectie en ministerie. Veel dingen moet je van je school of moet je van je bestuur. Maar ook daar is het misschien vaak meer het gevoel dat er veel moet. Dus soms is het meer ervaring dan dat het werkelijkheid is. We moeten dus blijven beargumenteren waarom je er soms voor kiest dingen niet te doen. Ik geloof niet dat wanneer ik een keer een oudergesprek niet noteer in Parnassys, mijn directeur dan op hoge poten naar mij toe komt. Het gaat hierin weer om prioriteiten stellen. Kijk een dag niet na, of neem twee schriften van de stapel van leerlingen van wie je het even wilt checken. Het is geen ramp als kinderen een keer hun schrift niet nagekeken terug krijgen. Keuzes maken en soms gewoon ‘nee’ zeggen. Voor starters, maar dat is meer richting beleid, zou ik het heel erg mooi vinden als er een verlichting komt in hun lesgebonden uren. Zo kunnen ze onder lestijd ook bij collega’s kijken. Keuzes maken blijft ook belangrijk. De rekenopbrengsten in mijn groep moeten omhoog. Ik moet investeren in rekenen, dus ik geef meer uren rekenles per week maar dan moet er iets anders wijken, het kan niet allemaal.” _MG_7226

Credits foto’s Renée: Shannon Cherryl

Ook zo benieuwd naar wat Renée te vertellen heeft over ‘Stijl’? Lees het morgen bij EduEnVogue!

No Comments Yet.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *